Hey now, you’re an all star

Heb jij ervaring met Android Studio en ben je een ware framework expert?

Sterker nog, jij bent degene die ervoor zorgt dat we niet ‘Mwa’ maar altijd ‘Wow!’ zijn.

We expect you to be an expert in software engineering and have good knowledge of what it means to work with large and/or distributed systems…

Voor onze ontwikkelingsafdeling zoeken we back-end gurus, front-end/UX wizards, QA-goden en netwerk&hosting experts…

Zomaar vier stukjes uit vacatures waar ik nooit op zal reageren. (Ik heb alle vacatures die het hebben over ‘hij’ en ‘zijn’ overgeslagen want ik doe al genoeg feministisch hier.)

Nu ben ik momenteel een medior ontwikkelaar, dus is het misschien niet zo gek dat ik me niet aangesproken voel door mensen die om experts vragen. Maar let wel: sommige van deze vacatures zijn voor…

zit u rustig?

… een stage.

Jawel, wij zoeken een niet-afgestudeerde expert om tegen instaptarief de beginselen van het vak te leren!

Ik mag hopen dat over een paar jaar de automatische grammaticacontrole in Word dit soort formuleringen keihard afstraft. Misschien door een reïncarnatie van Clippy die als je dit soort taal begint uit te slaan oppopt, niet meer weggaat, en je de rest van de dag van snedig commentaar voorziet.

Er zijn hordes ITers in Nederland die heel goed zijn in hun werk. Dat betekent niet dat ze nooit fouten maken. Niemand is altijd ‘Wow!’. Mensen die altijd ‘Wow!’ zijn vind je regelmatig bij het UWV met een burnout. Een goede programmeur is iemand die zegt: “Dit was wel goed maar nog niet ‘wow!’. Dat komt hierdoor. De volgende keer gaan we dat niet meer doen,” en dat dan de volgende keer niet meer doet.

Dat zijn de mensen die je wilt, werkgevers en recruiters van Nederland.

Hemel, je zal maar een back-end guru aannemen… wie moet die persoon uitleggen hoe jouw back-end werkt? De back-end boeddha?

Natuurlijk wil je kwalitatief hoogstaande dingen maken en natuurlijk heb je experts nodig in je bedrijf. Maar je hebt geen hol aan iemand die alles van Java weet en niets van met functioneel ontwerpers of junior collega’s praten. En bedrijven die die vaardigheden niet belangrijk genoeg vinden om vooraan (of überhaupt) in een vacature te zetten vind ik eng.

Daar werken vast allemaal goeroe’s. Ik denk liever zelf.

 

 

Accuratere biologische metaforen for fun and (no) profit

Vroeger, toen baby’s nog niet gewoon door de ooievaar werden gebracht, zorgde men voor nageslacht door sperma te planten in een dame en daar groeide dan een baby uit. Bij de Grieken dan. (Bij de Romeinen hadden de vrouwen zelf ook sperma en was het de combinatie waar zich de magie voltrok.)

Enfin, dit idee was vrij populair, niet zo gek als je bedenkt dat onze homies Pythagoras en Aristoteles er fan van waren (ook de grootste genieën praten soms poep, dat blijkt maar weer) en het heeft dan ook tot in de 17e eeuw ons denken doordesemd… en tot op de dag van vandaag onze taal.

Want, lieve mensen, ook wij 21e-eeuwers die beter zouden moeten weten noemen sperma nog steeds zaad. En dat is fout. Het is een scheve metafoor. Als je zo graag een link wilt leggen tussen de plant- en dierkunde is er een overduidelijk functioneel equivalent van sperma, en dat is stuifmeel.

Tja, als je het je eenmaal gerealiseerd hebt kun je het je niet ont-realiseren. En dan is het wel irritant dat iedereen het verkeerd doet. Om dat in mijn eigen wereldje op te lossen heb ik daarom een greasemonkey-scriptje geschreven zodat in mijn browser de metaforen tenminste correct worden toegepast. Dit is het resultaat:

Voor wie het zelf ook wil proberen, dit is het script.