Nederlands Kustpad – deel 1 (Sluis – Breskens)

Een samenloop van omstandigheden:

Mijn huisgenoot, tevens partner in crime voor vele activiteiten, houdt niet zo van wandelen. Ik wel.

Ik had vakantie. Mijn huisgenoot niet.

Ons huis-Sluis is met het OV zo’n 4 uur reizen, dus daar kom je niet zo snel voor een dagje uit.

Ergo, als ik het Nederlands Kustpad wil lopen, en dat wil ik want ik hou van de zee en de wind en de uitdaging (het is de langste aaneengesloten route van Nederland, bijna anderhalf keer het Pieterpad), en ik wil in Sluis beginnen, en dat wil ik want daar is het begin en ik ben een neuroot, dan is NU het moment.

Dus ik naar Breskens, waar ik sliep bij een Belg in huis, hoewel het echt Nederland is hoor, vond hij ook, en de volgende dag met bus 42 naar halte St. Annastraat in Sluis. Het had haast niet beter kunnen beginnen.

Het plan was in eerste instantie om alleen de eerste etappe te lopen, van 15km. Daar was namelijk de laatste bushalte vòòr Breskens. En ik dacht, dit is de eerste keer dat ik alleen loop, dat gaat vast lastiger dan als ik een gesprekspartner heb of strategisch opgestelde batallions kleine zingende scoutingmeisjes, zoals bij mijn eerdere meerdaagse wandelingen. Dus laat ik maar niet te overdreven beginnen.

Toen dacht ik, ach, ik zie wel als ik in Cadzand ben wat voor weer het is en hoe laat en hoe ik me voel. Maar goed. Dat is voor later in dit spannende verhaal, wat vooral spannend is op dit punt als je de titel niet hebt gelezen en/of niet beschikt over klompen waarop je iets aan kan voelen komen.

Etappe 1 kun je hier zien, en dan zie je gelijk dat het begint met een roteind omlopen over de vestingwerken van Sluis. Foei, Anna! De weg is de bestemming! En je hebt heel mooie dingen gezien op de vestingwerken van Sluis! Ja, ja, allemaal waar, alleen ik kwam voor de zee. En de wc. Allebei dingen die niet beschikbaar waren in Sluis op maandagochtend 8 uur buiten het seizoen.

Maar het was wel echt mooi, dat moet gezegd worden. En die vestingwerken staan er nog prima bij. Er ligt zelfs een hele camping binnen de veste. Veilig kamperen doe je in Sluis.

Enfin, door naar Retranchement! Waar ook niets open was, dus ik moest nog steeds naar de wc. En de zee was ook nergens te bekennen. Wel weer vestingwerken. Mooiere dan Sluis trouwens. Daar kwam ik redelijk in slow motion achter want het was gaan misten en het zicht was een meter of 50. Helaas kon ik daarom niet de vogels zien bij het Zwin, dat was wel balen, maar het stapte wel lekker door.

Ik was behoorlijk content in mijn mistbubbel, en ondertussen veertig minuten voor op schema, toen ik bij Cadzand a) bij een hotel (Hotel de Noordzee) naar de wc kon en b) de zee zag! Hoezee! Ik flaneerde de boulevard af en toen was het tijd om terug te gaan. Alleen was het 11 uur ‘s ochtends en voelde ik me fantastisch. En de zon begon net te schijnen. En ik haat bussen met een intense haat. En alleen lopen blijkt heerlijk, ik ga precies zo hard als ik wil en stop als ik wil en ga door als ik wil. Nou ja, je voelt ‘m aankomen – ik ging door. Wel eerst even stilletjes naar de zee luisteren.

Een intermezzo op dit punt: mijn moeder had me aangeraden wat papier mee te nemen, ter notering van een paar pareltjes uit de vloedstroom aan mooie gedachten die ongetwijfeld zouden komen. Ik kan je alvast vertellen: die kwamen niet.

Goed, ik ging door, nu langs mijn innig geliefde Noordzee. De kust is niet overal even mooi moet ik bekennen. Op veel plekken zijn het geen tyfuspittoreske duinenrijen die have, goed en de vege lijven beschermen, maar meer heel veel beton en asfalt. Gezien de geschiedenis van Zeeland heb ik daar verder geen klachten over. Het pad volgt de zee voor een groot deel, maar buigt ook af en toe iets af het land in, vooral als daar mooie natuur te beleven valt.

Op de tweede etappe zie je zo’n slinger. Het routeboekje zegt erbij dat je ook over de zeedijk verder mag. Ik was zéér in de verleiding (want: zee, hallo zee, en het scheelde een paar kilometer), maar. Er stond, heel terloops: “Steek het water over met het trekvlot.” TREKVLOT TREKVLOT TREKVLOT. Er stond niet bij dat je er een geocachende Belgische in waadpak bij kreeg, zeldzaam aantrekkelijk, maar goed, dat was bonus. En verderop ook nog een touwbrug. Amai!

Ik heb overigens foto’s van trekvlot noch Belgische noch touwbrug, want mijn telefoon is niet smart en mijn tablet zat veilig diep in mijn rugzak.

Na alle opwinding kon ik tot rust komen met een flink stuk bijzonder saaie polderweg, en dan nog een uurtje zeedijk tot Breskens. Een zeedijk met fascinerende geschiedenis trouwens. Maar het ging mij vooral om de zee. Hallo zee!

Gaat het lukken om koffie te vinden in Zeeland? Gaat het lukken om die paar foto’s die ik wél maakte online te krijgen? Had ik toch een oplader voor m’n Nokia mee moeten nemen? Ontdek het allemaal in de volgende editie van Anna aan zee: het Kustpad, deel 2!

 

One thought on “Nederlands Kustpad – deel 1 (Sluis – Breskens)”

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.